web analytics
0

Leven met herpetofobie

22 augustus 2016
herpetofobie

Alhoewel ik mezelf altijd heel erg open vind, betrap ik mezelf er soms op dat er onderwerpen zijn die mij heel erg bezig houden maar waar ik niet over schrijf. Of dit een bewuste keuze is of niet, dat durf ik niet te zeggen. Toch voel ik al een tijdje de drang om te schrijven over eigenlijk de enige angst die ik heb. Herpetofobie: angst voor reptielen en amfibieën.

Zoals je eerder hebt gelezen kampeerde ik regelmatig met mijn ouders. Nooit iets aan de hand, nooit mezelf druk gemaakt om reptielen of andere kruipende wezentjes die rond konden lopen op onze vakantiebestemmingen. Ik was elf jaar maar ik kan me de gebeurtenis nog goed herinneren, het voelt af en toe als de dag van gisteren. Ik weet nog precies wat ik aanhad en hoe de omgeving er uitzag. We waren op vakantie in het zuiden van Zwitserland en maakten elke dag een grote wandeling. Mijn ouders zaten bovenop een bergtop mueslirepen te eten als tussenstop. Ik lustte geen mueslireep (nog steeds niet trouwens) en had mijn drinken al op. Tijd voor mij om verder te gaan.

Ik stond op en rende alvast een stuk naar beneden. Het was erg warm en in de omgeving was gras- en rotsachtig. Langs het pad lagen verschillende stenen en rotsblokken die steeds hoger en groter werden. Je liep als het ware tussen twee muurtjes van rotsen door. Op een gegeven moment stopte ik tussen de muurtjes in en stond ik oog in oog met een slang die daar op dat muurtje lag. Van schrik stond ik met drie stappen weer bovenop de berg met ouders. No way dat ik daar nog naar beneden ging.”

Dit is wat er gebeurde tijdens onze zomervakantie in 2005. De vakantie was voor mij voorbij. Overal waar ik keek waren ineens hagedissen of salamanders (ik weet het verschil niet en wil dat ook niet weten). Bij de beek waar ik graag speelde, bij de weg naar de camping toe en tot overmaat van ramp hing er in het campingwinkeltje waar ik elke ochtend broodjes ging halen een poster van alle mogelijke soorten reptielen die je in de omgeving kan vinden. Natuurlijk waren die beestjes niet allemaal plotseling naar onze vakantiebestemming gekomen, ze vielen me ineens allemaal op. En ik had er dan ook echt oog voor. Ik was zo alert, ik zag ze overal lopen. Elk grassprietje wat bewoog voelde als een gevaar.

Mijn ouders zagen natuurlijk ook dat ik mijn tent niet meer uitkwam en extreem alert was op alles wat er om me heen gebeurde. Ik raakte in paniek bij alles wat ik zag bewegen en mijn ouders besloten na enkele dagen naar een andere camping te gaan. Naar een camping met een groot zwembad they said, it would be fun they said.. Je kunt het al raden: Op de (gloeiendhete) stenen rand van het zwembad stikte het weer van de beestjes. Vlak voor onze tent had een boom gestaan die omgehakt was, met een mooi groot houten plateau als resultaat. Ik had helemaal bedacht dat ik daar mooi op kon spelen met mijn speelgoed, maar drie keer raden.. Ook de boomstronk werd dusdanig heet dat het de aandacht trok van dieren die ik niet meer wilde zien.

Weer naar huis

Eenmaal thuis ging het wel weer beter. In Nederland leven geen beestjes (ik noem ze beestjes, maar dan weet je waar het over gaat), in ieder geval niet waar ik woonde op dat moment. Ik werd niet continue herinnert aan mijn angst en ‘vergat’ het ook vaak. Programma’s op Discovery Channel kon ik echter niet verdragen en zodra er eentje (of iets wat er op lijkt) in beeld kwam was het huilen. Ook Harry Potter-films vond ik ineens niet meer zo leuk. Zelfs tekeningen waren te veel. Maar dit zijn allemaal zaken die je makkelijk kunt ontwijken, prima. In de jaren daarna sleet de angst. Ik kan me niet goed meer herinneren of we vakanties daarna ook nog beestjes hebben gezien, maar in ieder geval ontweek ik tv-programma’s, films en andere plaatjes.

Op mijn 17e heb ik Artis bij elkaar geschreeuwd (ja, echt letterlijk. Heel beschamend) omdat ik het reptielenhuis niet in wilde en iemand anders wel heel graag wilde dat ik meeging. Later heb ik een keert een logeerpartijtje bij iemand afgezegd omdat ik bij binnenkomst zag dat zij die ‘beestjes’ als HUISDIEREN had. Maar.. De angst was dragelijk. Iemand die bang is voor spinnen reageerde misschien minder heftig op spinnen dan ik op ‘beestjes’, maar ik kwam ze een stuk minder tegen dan dat je spinnen tegenkomt.

herpetofobie

En nu

Nu moet ik zeggen dat de angst – oké, het is een fobie. Dragelijk is. In de winter gaat het goed, ik heb nergens last van en word nergens mee geconfronteerd. (Natuurgetrouwe) tekeningen van reptielen kan ik verdragen, ik word er niet blij van maar als het moet, dan lukt het bekijken wel. Plaatjes zoals in dit artikel van Liz Climo vind ik dan wel weer oké. Bewegende beelden en foto’s zijn nog steeds een ramp. Ik klik, druk of blader ze weg zo snel als het kan en probeer er geen aandacht aan te besteden. Momenten dat ik goed in mijn vel zit lukt dit dan ook. Maar toch werd ik afgelopen vakantie weer even met mijn neus op de feiten gedrukt. De fobie is er nog steeds. Net zo heftig als op mijn elfde.

Stephen en ik hadden een zware wandeling gemaakt. Steil omhoog. Door de bossen en over smalle paadjes. Maar hé, het was warm, maar niet warm genoeg. We zaten in Zuid-Duitsland – dat is niet Zuid-Zwitserland én we waren een bord tegengekomen met welke dieren hier in de omgeving zitten: konijnen, herten, eekhoorns en een stel vogels. Nothing to worry about! Het was een heerlijke ontspannen wandeling naar een slot bovenop een berg waar we een lekker broodje zouden eten. Zin in! Ik liep voorop en voor mijn voeten schoot iets weg. Een muis, dacht ik. Maar kreeg wel kippenvel. We hadden net het bord gezien waarop de dieren uit de omgeving stonden afgebeeld en daar stond niks op wat ik niet zou kunnen verdragen, dus het was oké. Bovenop de berg, bloedheet met een hele koude cola. We hadden de wandeling volbracht en konden heerlijk bijkomen met een prachtig panorama. Tussen het tafeltje en het uitzicht stond jawel, een stenen rand.

Je raadt het al: mijn radar ging al af bij de eerste beweging. Er liep iets over de stenen rand. Ik had het goed gezien en Stephen had het ook al door. Hij probeerde me te kalmeren en af te leiden terwijl ik al trillend mijn cola opdronk en mijn taartje opat. Ik zag er een stuk of vijf lopen en toen trok ik het niet meer. Ik moest hier weg. Wat er op dat moment met me gebeurt? Ik begin te trillen, zweten, hyperventileren, huilen en heb een enorme vluchtdrang. Ik wil weg van waar ik op dat moment ben en niet dat die beestjes in mijn buurt komen.

We rekenden snel af en zijn in één keer naar beneden gelopen (over een breder pad), zonder te stoppen. Ik moest hier weg! De rest van de vakantie ben ik alert geweest op elke beweging en ben ik weer vrij secuur geweest in het hermetisch (haha) afsluiten van de tent. Nu thuis kan ik er wel een beetje om lachen, ik kan me op dit moment niet voorstellen dat ik weer zo idioot zou reageren als er nu eentje voor me zou staan. Maar toch bleek ik enkele weken geleden op onze vakantie niet zo sterk te zijn als dat ik dacht. Ik ben er nog niet overheen.

Wat is een fobie?

Een fobie is een psychische aandoening. Herpetofobie is een specifieke fobie – dat wil zeggen dat je voor een specifiek object bang bent – en treedt dus op in specifieke situaties of in aanraking met specifieke objecten. In mijn geval dus reptielen en amfibieën. Fobieën kunnen ontstaan een traumatische ervaring. Hyperventileren, paniekaanvallen, beperken in functioneren, beperken in beleving van plezier of geluk en vermijdingsgedrag zijn symptomen van een fobie.

Het gekke aan mijn fobie is dat ik niet zo goed weet waar ik bang voor ben. Als ik terugdenk aan mijn aanvaring in 2005 en dat probeer te relativeren, denk ik dat het de schrik is geweest wat ik heb gekoppeld aan deze dieren. Als er bij wijze van een muis of een vogel had gezeten, was ik misschien wel net zo geschrokken. Slangen vind ik echt vreselijk. Zijn soortgenoten met pootjes kom je iets vaker tegen in het wild (zoals op vakantie dus) en ook al weet ik echt dat ze niks doen en eigenlijk net zo bang zijn voor jou als ik voor hen, ik wil ze niet zien. Ik koppel deze soort weer terug aan de slang.

Hulp

Je zult je misschien hebben afgevraagd gedurende dit artikel waarom ik geen therapie heb gehad of waarom ik geen andere hulp heb gezocht. In het beginstadium van mijn fobie heb ik (en mijn ouders) denk ik niet beseft hoeveel impact dit zou hebben en dat ik jaren later nog steeds ‘last’ zou hebben van mijn angst. Ook is de behandeling van fobie iets wat mij niet aanstaat. Namelijk blootstelling. Je kunt je voorstellen dat ik absoluut niet zit te wachten op een behandeling waarbij ik in aanraking kom met reptielen. Ik weet dat het de beste manier kan zijn, ik weet dat het me kan helpen rustiger te blijven in sommige situaties maar voor nu vind ik het eigenlijk wel oké. Ik ben niet toe aan een therapie waar ik in aanraking wordt gebracht met deze dieren. Op dit moment red ik me prima door deze dieren niet op te zoeken, ze te vermijden waar nodig en kan ik er over praten. Elke stap is winst en voor nu kan ik al door het reptielenhuis van een dierentuin lopen (zonder te kijken, dat wel!) zonder te hoeven huilen.

Elke stap is er één. Zo bezocht ik in oktober 2015 de dierentuin van Berlijn waar ik trillend en huilend op een bankje zat omdat ik niet langs de reptielen wilde (maar uiteindelijk toch heb gedaan, Stephen had geen hand meer over van het knijpen) – kan je het je voorstellen hoe anderen naar me hebben gekeken? Haha!). In maart 2016 bezocht ik Burgers Zoo, als je de dierentuin kent dan weet je dat je als het ware langs de reptielen ‘moet’ om in een ander gedeelte te komen. Ik ging dat gewoon doen had ik besloten. Het reptielenhuis bevond zich in een donker hol en Stephen wilde graag even kijken. Ik hield gepaste afstand en heb niet gekeken wat er in dat hok lag. “Wil je het weten?” vroeg hij, maar nee. Dat wilde ik niet. Stephen stond in het hok te kijken en ik hoorde een jongetje naar het hok schreeuwen: “Zooooooooooo, dat is een grote! Ik heb nog nooit zo’n dikke slang gezien!”. Even later hoorde ik het jongetje weer roepen.. “Waar is die nu?!” Drie keer raden hoe snel ik buiten stond.

Ik moet zeggen dat het schrijven van dit artikel me enigszins oplucht. Het voelt goed om eens op papier te zetten waar ik ‘last’ van heb op vakantie en in dierentuinen. Voor het schrijven van dit artikel wist ik ook niet hoe mijn fobie heette, dat heb ik geleerd door dit artikel (hoe stom, op de WikiPedia-pagina van deze angst staat er rechts gewoon een foto van zo’n beest. Denk is na, makers!). Ik kom er wel, maar wel op mijn manier. Enneh, waag het niet om grapjes met me uit te halen als je me ziet, haha! Heb jij toevallig ervaring met (het overwinnen van) een fobie?

Liefs,

Bron afbeeldingen: Liz Climo

Share:
Previous Post Next Post

You may also like

15 Comments

  • Dagmar

    Wat heb je dit waanzinnig goed geschreven, echt zo knap en dapper dat je alle herinneringen eraan ook met ons deelt én speciaal op het digitale papier hebt gezet. Supertrots op je!

    22 augustus 2016 at 07:17 Reply
  • Frauke

    Wauw, heb je duidelijk omschreven zeg! Wat heftig ook dat je zo’n fobie hebt van reptielen en amfibieën, lijkt me wel lastig zeg. Al helemaal in de zomer en dan vooral als je gaat kamperen, hier is het inderdaad wat gemakkelijker te vermijden. Wel knap dat je alsnog de confrontatie al wat bent aangegaan! Ik merk zelf ook wel met fobieën dat ze met de leeftijd altijd wel wat afzwakken. En als het echt te heftig wordt, kan je alsnog therapie nemen! Zal wel even doorbijten zijn zo met die confrontaties, maar uiteindelijk werkt het normaal wel! X

    22 augustus 2016 at 07:35 Reply
  • chantal

    Wat goed dat je er zo eerlijk over verteld hebt, dat kan ook al heel therapeutisch werken. Ik snap wel dat je zegt dat je nu geen therapie wilt, maar de enige manier om ervan af te komen is therapie. Dan moet je kiezen, wil je bang zijn voor de rest van je leven, of de angst aanpakken? Veel succes in ieder geval

    22 augustus 2016 at 07:42 Reply
  • Celine

    Wauw Anne wat een mooi en dapper artikel. Wat naar dat je last hebt van een fobie, maar wat knap dat je nu al door de reptielenhuizen durft te lopen! Super dapper! Ga zo door, topper

    22 augustus 2016 at 08:43 Reply
  • Margo

    Wow, dat is wel wat heftiger dan iets ‘niet leuk vinden’ of alleen maar bang zijn.
    Ik snap heel goed dat je geen zin hebt in exposure. Maar ik vind je een hele bikkel dat je zelf door die dierentuinen gaat!
    Mooi verwoord, ik voelde helemaal jouw gevoel. <3

    22 augustus 2016 at 08:50 Reply
  • Kim

    Mooi omschreven! Ik snap helemaal hoe je je voelt tijdens een paniekaanval. Heel goed dat je jezelf wel eraan blootstelt, hoe meer je dat doet, hoe minder de angst wordt 🙂 Zelf heb ik een overgeeffobie. Helaas valt dat niet echt te vermijden haha (al heb ik sinds mijn 6e niet meer overgegeven), ik ga er wel voor naar een psycholoog!

    22 augustus 2016 at 09:30 Reply
  • Amy

    Wat een dapper artikel Anne, bijzonder hoe je het van je afgeschreven hebt. En daarnaast: een en al herkenbaarheid. Honestly, ik dacht dat ik een van de weinigen was. Ik vind beestjes op pootjes meestal niet zo eng.. Als ik de versie zonder pootjes zie (zoals afgelopen vakantie ineens in een winkelstraat om iemands nek, maar net zo goed op tv of een afbeelding op internet) raak ik compleet in paniek en begin ik helemaal te trillen. Soms slaap ik dan ‘s nachts zelfs niet. Mijn manier om ermee om te gaan? Zoveel mogelijk ontwijken en ogen dichtknijpen. Dat jij het reptielenhuis in durft vind ik echt super knap.. Zo dapper hoe je ermee omgaat!

    22 augustus 2016 at 10:42 Reply
  • Marieke

    Interessant om te lezen! Ik hoop zo dat niemand ooit grapjes met je gaat uithalen. Ik heb er zelf in mindere mate last van. Echt paniek krijg ik niet, wel rillingen met een verhoogde hartslag, klaar om weg te rennen. Vooral bij slangen.
    Als je niet wilt horen waarom, lees dan niet verder.
    Toen ik ook een jaar of 11 was, ontdekten wij een ontsnapte slang in de schuur. Het was een huisdier van iemand die dus door het dorp glibberde. Mijn zus en ouders vonden het prachtig, ik was doodsbang. De slang was op den duur uit de schuur verdwenen. Het was zomer, de achterdeur stond permanent open. Ik wist het wel: die slang kon overal zijn. In mijn bed, bijvoorbeeld.
    Sindsdien kijk ik ook in warme landen oplettend om me heen bij stenen muurtjes. In de dierentuin kijk ik wel, maar loop ik toch het liefst snel door bij de slangen. Een vriendin van me wil later een slang als huisdier. Ik heb haar alvast vertelt dat ik dan nooit langs ga komen. Doei!

    22 augustus 2016 at 12:41 Reply
  • Justine

    Ahhhh wat vervelend! Maar goed dat je stappen vooruit zet. elke is er een, zoals je zegt!
    Ik heb zelf een fobie voor clowns. Al vanaf kinds af aan. Ik heb wel mezelf gedwongen de angst te overwinnen en ben zelfs met halloween in Movie Park met een clown op de foto gegaan. Dat ik daarna huilend wegrende omdat hij me liet schrikken, neem ik even voor lief, ik heb het wel gedaan. Ook durf ik tegenwoordig wel naar clowns te kijken. Films en plaatjes, dat gaat nog wel, al krijg ik er wel een naar gevoel van. In het echt een clown zien is nog lastig en doe ik liever niet, dan kijk ik weg. Gelukkig is het, net zoals jij zegt, prima te doen zolang je het niet opzoekt. En zeg nou zelf, hoe vaak kom jij een clown tegen in het dagelijkse leven? Toch hoop ik op een dag helemaal niet meer bang te zijn voor clowns. Het bang zijn kost zoveel energie en je wordt er zo alert door, dat is helemaal niet fijn. Dus, stapje voor stapje, ga ik mijn fobie overwinnen want ik word er simpelgezegd gek van om alsmaar bang te moeten zijn als ik er een zie.

    22 augustus 2016 at 13:51 Reply
  • Astrid

    Hè wat een enge ervaring toen je oog in oog stond met een slang. Op de Veluwe kwam ik een keer een adder tegen – not fun. Ik ben zelf fobisch voor alles wat giftig is (gifslangen maar ook giftige planten etc.) Een wurgslang, als hij tenminste niet al te groot is, kan ik echter zonder angst vastpakken. Fijn dat je nu vrij goed met je fobie kunt leven.

    22 augustus 2016 at 16:06 Reply
  • Evelien

    Het is wat je zegt, iedere stap is er één. Snap trouwens dat blootstelling je niet aanstaat. Moet er zelf ook niet aan denken om een spin op m’n handen te laten chillen. Je hoeft niets te forceren en kunt een stap zetten wanneer jij je er klaar voor voelt. Wat heb je dit artikel fijn geschreven, overigens. Heel duidelijk.

    22 augustus 2016 at 20:22 Reply
  • Miriam

    Jeetje, wat heftig zeg! Ik wist ook niet dat het zo heette… Je komt er vanzelf denk ik, iig al stoer dat je toch dit artikel hebt geschreven! Zet ’em op 🙂

    22 augustus 2016 at 21:05 Reply
  • Jessica J.

    Wat dapper dat je dit hier allemaal neerpent! Ik kan me niet voorstellen wat het is om met zo’n angst te leven. Zelf ben ik zoals zovelen bang van spinnen, maar dat valt in de verste verste niet te vergelijken met jouw fobie.

    24 augustus 2016 at 10:51 Reply
  • Mariska

    Je angst voor slangen snap ik heel goed, al heb ik er nooit iets mee meegemaakt. Als ik in de dierentuin loop doe ik expres m’n handen voor mn ogen en kijk ik niet naar slangen. Mensen die ze in huis hebben kom ik niet binnen en ook als ik foto’s zie of iets op tv.. krijg ik nachtmerries. Verschrikkelijk.

    26 augustus 2016 at 21:52 Reply
  • Denise

    Hoi Anne,
    Wat een herkenbaar artikel! Ik herken alles wat je beschrijft alleen dan in de vorm van emetofobie(ook wel het kotsfobie genoemd). Gek dat je buiten de situaties om denkt dat het wel weer oke is he.. En dat je in de situatie zelf weer helemaal in paniek raakt.
    Ik heb er ook over nagedacht om de exposure-blootstelling therapie te doen. Zelf zag ik dat ook totaal niet zitten! In mijn opleiding ben ik veel in aanraking gekomen met relaxatie(ontspannings)oefeningen. Die zou je heel goed kunnen gebruiken in de situaties van angst(vind ik zelf heel erg fijn). Je zou even kunnen zoeken op toegepaste relaxatie, als je daar behoefte aan hebt 🙂
    Wel tof dat je toch wandelingen maakt in ‘risicogebieden’ en je niet laat weerhouden om naar bijvoorbeeld de dierentuin te gaan!

    Liefs Denise

    3 september 2016 at 18:33 Reply
  • Leave a Reply